![]()
|
Joris van der Hilst
Inleiding
Alle
Boa Constrictors komen op Appendix 2 van de CITES lijst voor behalve
de Argentijnse Boa Constrictor die op Appendix 1 van de CITES lijst
voorkomt. Dit wil zeggen dat ze met uitsterven worden bedreigd. Of dit
in werkelijkheid ook zo is is een tweede, maar internationale handel
is verboden en vergunningen zijn verplicht. De rest van het artikel gaat over het houden, verzorgen en kweken met de gewone Boa Constrictor (Boa Constrictor Imperator), die ook het meest gehouden wordt. Aan de verschillende genetische kleur en patroon variëteiten ga ik in een ander artikel aandacht schenken. Verpreidingsgebied: Grootte
en leeftijd: Wanneer
Boa Constrictor op een goede manier worden gehouden kunnen ze erg oud
worden. Het record staat op naam van de Philadelphia Zoological Garden
met een dier dat 40 jaar 3 maanden en 14 dagen oud werd. De meeste dieren
zullen echter in gevangenschap niet ouder worden dan 25 a 30 jaar. Huisvesting: In
het Terrarium moet een flinke waterbak aanwezig zijn. Hij hoeft niet
per se zo groot te zijn dat de dieren er in kunnen gaan liggen, maar
als ze de mogelijkheid hebben zullen ze dit zeker doen. De grootte van het terrarium is afhankelijk van de grootte van de dieren. Volwassen dieren zouden ieder minimaal een terrarium van 150 cm lengte bij 60 cm breedte bij 40 cm hoogte moeten hebben. Wanneer men meerdere dieren bij elkaar wil houden zal de grootte van het terrarium ook omhoog moeten gaan. De
hoogte van het terrarium is niet heel erg belangrijk, maar als je de
ruimte hebt kan je er voor kiezen om een hoog terrarium te (laten) maken.
De dieren zullen zeer frequent gebruik maken van de aanwezige ligplanken
en/of takken. Ook is het een mooier gezicht om een Boa Constrictor hoog
in het terrarium om een tak gekruld te zien hangen. De
waterbak is van steen of een
ander zwaar materiaal, omdat ze het dan niet om kunnen gooien. De dieren
worden daar apart of per koppel in gehuisvest. Wanneer
de dieren moeten vervellen is het echter geen probleem om het terrarium
een paar dagen wat natter te houden, zeker als ze de keer ervoor slecht
zijn verveld. Wanneer men dit doet moet men wel direct de ontlasting
wegnemen indien nodig. Voeren: Denk
er aan dat jonge dieren niet meteen te grote prooien worden gevoerd,
omdat ze erg gevoelige magen hebben. Het is daarom verstandig om de
eerste keren de prooidieren wat aan de kleine kant te houden, omdat
men uitbraken ten aller tijden moet voorkomen. Eenmaal brakende jongen
gaan vaak moeizaam weer over op een normaal eetgedrag. Na de eerste
paar keer voeren kan men de grootte van de prooi wat toe laten nemen. Een
voerschema van een prooi in de week is een goed ritme voor jonge dieren.
Dit ritme kan men volhouden totdat de dieren in de breedte gaan groeien
(ongeveer 1,5 tot 2 jaar). Wanneer dit gebeurd moet je de dieren maar
eens in de twee of drie weken een prooi van redelijk formaat aanbieden.
Het
is mensen gelukt om Boa Constrictors in 18 maanden geslachtsrijp te
krijgen, waarna de dieren de jongen kregen toen ze ongeveer 2 jaar waren,
maar dit is niet natuurlijk en vragen om problemen. Een
beet van een jong diertje kan geen kwaad, maar een volwassen dier van
bijna drie meter dat is een ander verhaal. Het is aan te raden om dode
prooien te voeren, omdat dieren dan niet zijn geconditioneerd op levend
(bewegelijk) voedsel, waardoor ze de eigenaar die in het terrarium bezig
is voor een prooidier aan zien. Wanneer
de dieren moeten vervellen zullen ze helemaal dof van kleur worden.
Deze kleur trekt een paar dagen voordat ze gaan vervellen weg en de
dieren zien er weer normaal uit. Het
verschonen van het terrarium dient bij voorkeur iedere week te gebeuren
als je als bodemmateriaal kranten gebruikt. Wanneer je gebruik maakt
van turfmolm kan je langer wachten met schoonmaken, mits je de aanwezige
ontlasting iedere keer zo snel mogelijk verwijdert.
De waterbak moet ongeacht het bodemmateriaal minimaal iedere week worden
ververst, zodat de dieren altijd vers water hebben. Wanneer de waterbak
teven als ligbad wordt gebruikt, moet men hem iedere dag inspecteren,
omdat ze hun ontlasting graag in het water deponeren. Gedrag: Kweek: De
dieren moeten in een goede gezondheid verkeren, wil men er een poging
mee kunnen ondernemen. Hebben dieren al een verminderde weerstand door
een infectie of iets dergelijks is de kans groot dat ze de drachtperiode
niet zal overleven. Ook
moeten de dieren een goede vetvoorraad bezitten alvorens een kweekpoging
te ondernemen. Dat is zeker voor de vrouwen die tijdens de dracht voedsel
kunnen weigeren. Wanneer
mannen te mager zijn zullen ze ook minder interesse voor de vrouw vertonen,
waardoor er geen of veel minder paringen dan normaal zullen komen. Een
overgewicht is aan de andere kant ook niet aan te raden, omdat dieren
met een overgewicht minder bewegelijk zijn en ook minder interesse hebben
om te paren. Een vrouw mag wel een licht overgewicht hebben. Wanneer
al deze factoren in orde zijn kan men een kweekpoging gaan ondernemen.
Deze poging begint in Oktober wanneer het aantal uren licht per dag
wordt verminderd van ongeveer 15 naar 9 uur per dag. Dit kan je afbouwen
in twee tot drie weken, maar andere kwekers laten dit abrupt gebeuren.
Wanneer men geen gebruik van lampen maakt, maar het licht via een raam
van buiten komt zullen de dieren hier in September al op kunnen reageren. Men
kan er voor kiezen om een voedselstop te houden (vooral voor de mannen)
om een vetcyclus te stimuleren of om de dieren actiever te krijgen (vooral
de mannen). Ander kwekers laten de dieren tijdens de paarperiode gewoon
dooreten. Meerdere
mannen zijn niet nodig om met Boa Constrictors te kweken. Volgens een
grote Amerikaanse kweker (Jeff Ronne) zou het gebruik van meerdere mannen
een averechts effect hebben op het aantal paringen. De mannen zijn dan
meer met elkaar bezig dan met de vrouwen. Wanneer
een man geïnteresseerd is zal hij over de vrouw heen kruipen en haar
met zijn klauwen tot paring te stimuleren. Wanneer de vrouw er (nog)
niet aan toe is zal ze dit het mannetje duidelijk maken door met haar
staart te slaan en proberen weg te kruipen. Na een aantal weken zal de bereidheid om te paren bij de man afmenen en geheel verdwijnen. Het
is dan nodig om de vrouw in de gaten te houden of ze tekenen van drachtigheid
gaat vertonen. Voordat ze deze tekenen zal vertonen zal ze eerst nog
ovuleren, wat er uit ziet als een duidelijke verdikking net over de
helft van haar lichaam. Het kan zijn dat dit twee keer wordt waargenomen.
De
totale dracht zal 123 dagen (plus/minus 5 dagen) duren. Tijdens de dracht
zal de vrouw niet veel van plaats wisselen. De eerste tekenen dat de
vrouw over niet te lange tijd zal gaan bevallen is het opzoeken van
een koelere plaats in het terrarium een tot drie weken voor het werpen
van de jongen. Het
werpen van de jongen kan van 10 minuten tot meerdere uren duren. Hoe
meer van de worp onbevrucht is, hoe sneller de bevalling over het algemeen
zal gaan. De jongen kunnen een voor een worden geboren, maar kunnen
ook met meerdere tegelijk ter wereld komen. Wanneer de vrouw een korte drachtperiode heeft ondergaan zullen de jongen vaker nog in het vliesje zitten dan wanneer de drachtperiode aan de lange kant is. Er worden gemiddeld ongeveer 20 tot 30 jongen geboren afhankelijk van de grootte en leeftijd van de vrouw. De grootste worpen bekend bestaan uit 60 jongen. De jongen zullen na 9 of 10 dagen voor de eerste keer gaan vervellen en na deze vervelling kan men proberen om de jongen te voeren. Meestal zal dit geen problemen opleveren. |
| Back to Boa's |