Back to homepage


Emerald tree boa

Het houden en verzorgen van de Surinaamse hondskopboa
Met speciale aandacht voor geïmporteerde wildvangdieren

Joris van der Hilst


Inleiding
Steeds vaker kom ik mensen tegen die hondskopboa’s in hun collectie hebben of met de gedachte rondlopen om er in de nabije toekomst daarmee te beginnen.
In de meeste gevallen gaat het om wildvangdieren, omdat nakweek simpelweg vaak niet voor handen is. Hopelijk kan dit artikel er aan bij dragen dat er in de toekomst meer nakweek voorhanden zal komen.

De meeste hondskopboa’s die worden aangeboden, zijn halfwas of volwassen exemplaren. Vaak zijn deze dieren door het vangen, het verblijf in het land van herkomst, het vervoer naar het land van bestemming en de huisvesting van handelaren en speciaalzaken erg gestresst, ondervoed en vol met parasieten. Het is dan belangrijk om de dieren dan weer zo snel mogelijk aan de praat te krijgen. Heel belangrijk hierbij is dat de huisvesting van de dieren optimaal is.

Het terrarium
Hondskopboa’s zijn in de bomen levende slangen die in een vochtige en warme omgeving voorkomen. Bij het zelf maken of aanschaffen van een terrarium zal er rekening mee gehouden moeten worden dat aan deze voorwaarden voldaan wordt.
Allereerst is de grootte van het terrarium belangrijk. In de literatuur staat vaak vermeld dat de dieren beter wennen wanneer ze in een kleine ruimte verblijven. Persoonlijk vind ik dit onnodig en onpraktisch.
Hondskopboa’s zijn inactieve slangen (behalve wanneer ze erge honger hebben), waardoor de kans op vervetting erg groot is. In een klein onderkomen zullen ze moeilijk aan de gewenste activiteit komen.
Ook is het moeilijk om de klimatologische omstandigheden zoals temperatuur en luchtvochtigheid constant te houden.

Omdat het boombewonende slangen zijn, moet het onderkomen vooral in de hoogte wat ruimte hebben. Een minimale hoogte van 70 cm. voor volwassen dieren moet worden aangehouden. Jonge dieren kunnen in kleinere onderkomens worden geplaatst.
Een goed voorbeeld is een plastic bak gevuld met een ondiep laagje water en een tak erin, waar de dieren op kunnen liggen.

Dan is het nog de vraag van welk materiaal het onderkomen kan zijn. Een glazen terrarium is om verschillende redenen een goede keus. Je hebt prima zicht over de dieren, de luchtvochtigheid kan makkelijk hoog gehouden worden zonder dat het glas wordt aangetast (wat bij hout wel het geval kan zijn) en het is duurzaam in gebruik.

De temperatuur
Ga je kijken naar de temperaturen die voorkomen in Suriname en Brazilië dan kom je aan maximale temperatuur van 32/33 graden en minimale temperatuur van 22/23 graden.
Zie tabel 1 en 2 voor meer informatie.

Jan
Feb
Maa
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Temp max.
31
31
31
31
33
32
32
34
33
33
33
32
Temp min.
24
24
24
24
24
24
24
24
24
24
24
24

Tabel 1: In de bovenstaande tabel zijn de gemiddelde max./min. temperaturen Manuas weergegeven. Manuas is een plaats uit het noorden van Brazilië en ligt midden in het Amazonegebied.

Jan
Feb
Maa
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Temp max.
29
29
29
30
30
30
31
32
33
33
32
30
Temp min.
22
22
22
23
23
23
23
23
23
23
23
22

Tabel 2: In de bovenstaande tabel zijn de gemiddelde max./min. temperaturen van Paramaribo weergegeven. Paramaribo is de hoofdstad van Suriname en ligt aan de noordkant.

Deze temperaturen zijn op grondhoogte gemeten. Dat kan een vertekend beeld geven van de eigelijke situatie waarin hondskopboa’s leven.
Een feit is dat hondskopboa’s in de bomen levende slangen zijn.
In tegenstelling tot de metingen van de grondtemperatuur zal er een licht briesje heersen boven de grond, wat weer effect heeft op de temperatuur.

Dus de eigenlijke temperatuur waar hondskopboa’s leven is ongeveer 3 graden lager.
De optimale temperatuur voor deze dieren is overdag 27/28 graden en in de nacht 23/24 graden afgezien van het kweekseizoen. Komt de temperatuur boven de 31/32 graden, dan wordt de kans op het uitbraken van de prooi groot.

Om dit allemaal goed te kunnen regelen kan je de verwarming het best aansluiten op een thermostaat. Het beste is een thermostaat geschikt voor lampen en warmte-matten/kabels met een dag/nacht ritme aangesloten op een tijdklok, zodat de dag en nachttemperatuur nauwkeurig bij gehouden kan worden. Goede thermostaten hiervoor zijn de pulse proportion thermostaten van Habistat.

De luchtvochtigheid
Naast de verwarming is ook de luchtvochtigheid van cruciaal belang bij het houden van de hondskopboa. De luchtvochtigheid moet voor deze dieren boven de 65% gehouden worden. Is dit niet het geval, dan kan de slang last krijgen van uitdroging dat zich laat zien als een droge, rimpelige, ruwe huid.
Vaak weigeren ze ook om nog te eten en mochten ze eten, dan braken ze het vaak uit.
Ook kunnen er problemen aan de luchtwegen ontstaan. In de onderstaande tabellen 3 en 4 zie je hoe hoog de luchtvochtigheid en de hoeveelheid neerslag is gedurende het jaar is nabij hun natuurlijk leefgebied.

Jan
Feb
Maa
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Luchtvochtig-heid in %
70
71
72
73
72
68
64
59
57
59
63
68
Neerslag in mm
249
231
262
221
170
84
58
38
46
407
142
203

Tabel 3: De gegevens in de bovenstaande tabel zijn gemeten in Manaus, Brazilië (zie tabel 1)

Jan
Feb
Maa
Apr
Mei
Jun
Jul
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Luchtvochtig-heid in %
77
74
75
75
79
80
76
70
66
67
71
77
Neerslag in mm
213
165
201
229
310
302
231
158
79
76
125
224

Tabel 4: De gegevens in de bovenstaande tabel zijn gemeten in Paramaribo (zie tabel 2)

Ook in deze tabellen zal de eigenlijke luchtvochtigheid in de praktijk hoger uitpakken doordat de luchtvochtigheid in het regenwoud hoger zal zijn dan in de steden waar de luchtvochtigheid is gemeten.
Zeker langs de rivieren, waar ze het meeste voorkomen, zal de luchtvochtigheid zelden onder de 85% komen.
In het wild zal de luchtvochtigheid overdag ook iets hoger zijn dan in de nacht. Dit komt doordat een hogere temperatuur meer vocht vast kan houden. Om hun natuurlijke leefgebied zo goed mogelijk na te bootsen, is het dus raadzaam om in de ochtend de luchtvochtigheid te verhogen. Dit kan op een aantal manieren.
Een daarvan is regelmatig te sproeien.

Dit heeft nog een voordeel, want wildvang hondskopboa’s willen vaak niet uit een waterbak drinken die op de grond is geplaatst. Door te sproeien hebben ze de mogelijkheid water binnen krijgen door druppels van het glas, eigen lichaam en de bladeren af te likken.
Sproei altijd met lauw of warm water omdat de temperatuur anders teveel zakt en warm water sneller verdampt, zodat de luchtvochtigheid snel zal toenemen Probeer niet op de takken te sproeien waarop de dieren graag liggen, in verband met schimmel- en bacteriëngroei.
Deze groeien in een zeer snel tempo in een warme vochtige omgeving. Het besproeien van de dieren zelf is geen probleem.

Een andere manier is het bemisten van het terrarium. Dit kan simpel bereikt worden door een mistmachine aan te sluiten aan een tijdschakelaar, waardoor er op van tevoren bepaalde tijden de luchtvochtigheid kan worden verhoogd.
In de toekomst zal het zelfs mogelijk zijn om een minimale luchtvochtigheidsgrens te verkrijgen, door een apparaatje dat ongeveer hetzelfde werkt als een thermostaat met de temperatuur doet.

Een derde mogelijkheid om de luchtvochtigheid te verhogen is het verwarmen van een bak water dat in het onderkomen is geplaatst. Het is dan echter wel verstandig om de dieren daar niet uit te laten drinken vanwege het hoge percentage bacteriën dat zich in dit water snel zal ontwikkelen. Om dit mogelijke probleem op te lossen kan je de bak afdekken een stuk gaas of iets dergelijks, de drinkbak erop en klaar is je luchtbevochtiger.

Ventilatie
Ventilatie is een vaak onderschat probleem in tropische terraria. Een slechte ventilatie kan ervoor zorgen dat schimmels en bacteriën zich explosief kunnen vermeerderen. Omdat de luchtvochtigheidsgraad in de kamer altijd minder is dan de luchtvochtigheidsgraad in het terrarium zelf zal er door een groot ventilatieoppervlak ook relatief veel vocht weggetrokken worden naar de kamer.

Om dit onder controle te houden kan je de ventilatiestrip gedeeltelijk afdekken met een glasplaat. Dit gaat echter wel ten koste van de ventilatie. Een goede oplossing om het verschil in luchtvochtigheid tussen de kamer en het terrarium op te lossen, is het plaatsen van een luchtbevochtiger in de kamer. Hierdoor kan een hoge luchtvochtigheid behouden worden zonder dat het ten koste gaat van de ventilatie.

De inrichting
Omdat het boombewonende slangen zijn, moet hier rekening mee gehouden worden door op verschillende hoogtes in het terrarium takken te hangen. Zo kunnen de dieren ook hun eigen voorkeurstemperatuur kiezen.
De takken moeten horizontaal worden gehangen en een diameter hebben die ongeveer hetzelfde is als van de slang zelf.
Het is verstandig om de takken niet recht boven elkaar te hangen vanwege de ontlasting van bovenhangende dieren.
Een natuurlijke achtergrond is niet noodzakelijk, maar is voor het oog toch plezieriger. Een mooi alternatief is kurk. Het houdt de warmte goed vast en heeft een natuurlijke uitstraling.

Voor de bodembedekking heb je keus uit verschillende materialen. Als je de dieren zo hygiënisch mogelijk wilt houden, kan je gebruik maken van kranten. Een ander voordeel van kranten is dat het makkelijk is schoon te maken. Een nadeel is dat het niet natuurlijk overkomt.
Ook beukensnippers behoort tot de mogelijkheden. Je hebt iets meer werk met het verschonen, maar het houdt het vocht goed vast en het ziet er natuurlijk uit. Voor turfmengsels geld hetzelfde. Zaagsel zou ik niet gebruiken, omdat dat problemen op kan leveren bij het voeren. Mocht de slang zijn prooi missen, dan heeft hij heel zijn bek vol zaagsel, wat weer kan gaan ontsteken.

Wat ook belangrijk is voor hondskopboa’s, is dat er altijd een plaats in het terrarium aanwezig moet zijn waar de dieren beschut kunnen gaan liggen. Dit is vooral belangrijk voor wildvang dieren om zich veilig te voelen in hun nieuwe omgeving.
Dit is makkelijk te creëren door een plant in het terrarium te plaatsen. Dit kan een echte of een nepplant zijn. Bedenk wel dat een echte plant om de paar maanden vervangen moet worden ondanks speciaal licht. Een mogelijkheid om wildvang dieren te laten drinken is het aan de takken en tussen de bladeren hangen van met water gevulde bakjes.
In het wild drinken hondskopboa’s nog wel eens uit bromelia’s. Door het ophangen van deze bakjes wordt dit gedrag opgeroepen.

Gedrag
Hondskopboa’s uit Suriname staan er om bekend dat ze enorm agressief zijn. Dit is ook zeker waar. Meldingen van dieren die handtam waren zijn dan ook meer de uitzondering dan de regel.
Wil je de dieren toch pakken om bijvoorbeeld antibiotica toe te dienen, dan kan je dit het beste doen als ze liggen te slapen.
Je kan dit dan het beste doen tussen 05:00 uur en 17:00 uur. Ze liggen dan in een typische houding opgerold op een tak. Dit zelfde gedrag is ook terug te vinden in de andere soorten van de Corallus-groep en bij de groene boompython (Morelia viridis) die in Papua Nieuw Guinea en noordoost Australië voorkomt

Als ze in deze houding liggen dan kan je ze gewoon aanraken. Vaak heeft de slang dan als reactie dat hij zijn kop verder in zijn lussen steekt. Mocht hij zijn kop toch omdraaien dan is voorzichtigheid geboden.

Een beet van deze slang zal in je geheugen gegrift staan. Dat heeft drie redenen. De eerste reden is dat deze slang hele lange voortanden heeft. Ik heb tanden in de ontlasting gevonden van ruim 1cm.
De tweede reden is dat wanneer je gebeten wordt je als reflex je hand wegtrekt waardoor je de wond als het ware zelf opentrekt.
De derde reden is dat bij een offensieve beet, daar bedoel ik een beet mee waarbij de slang denkt dat hij een prooi vastheeft, hij zijn voortanden maximaal naar binnen slaat en vasthoudt. Bij een defensieve beet zal een slang nooit zijn kop aan iets vasthouden waar hij bang voor is. Voorzichtigheid is dus geboden bij het hanteren van deze slang.

Dieren uit Brazilië zijn in de regel veel minder agressief. Deze kunnen vaak met de blote hand gepakt worden zonder daar wonden mee op te lopen.
Deze Amazon Basin of Emerald Basin zoals ze vaak genoemd worden, kunnen ook een stuk groter worden.
Je kan ze herkennen aan hun witte doorgetrokken streep, hun gele onderkant, hun donker groene kleur en vele kleinere schubben op de voorkant van de kop. Jammer genoeg zijn deze dieren veel minder vaak verkrijgbaar en een heel stuk duurder dan de Surinaamse vorm.

Zoals bekend is deze slang een nachtjager. Met hun koppen naar beneden gericht kunnen ze uren op dezelfde plek liggen wachten tot er een prooi voorbij komt. Ze komen alleen van hun plaats af als ze erg veel honger hebben.
Op dat moment gaan ze er ook naar op zoek en struinen ze heel de bak door.
Wanneer de lamp ‘s ochtends aangaat dan zie je vaak dat ze zich daaronder even opwarmen, waarna ze later in de ochtend een koelere plek opzoeken waar ze de rest van de dag blijven liggen.

Voedsel
Er is soms heel wat moeite voor nodig om wildvang hondskopboa’s goed aan het eten te krijgen. Vooral dieren die geen optimale gezondheid hebben door stress, parasieten en andere kwaaltjes.
De sleutel om deze dieren goed aan het eten te krijgen is een goede huisvesting, geduld en niet zenuwachtig te worden. Ondanks het feit dat er meldingen zijn van hondskopboa’s die tot hun dood bleven weigeren met eten, zijn de meeste dieren wel zo ver te krijgen dat ze gaan eten.

Zorg er eerst voor dat de dieren parasietvrij zijn en dat ze een drietal weken hebben kunnen wennen aan hun nieuwe omgeving waarin de omstandigheden ideaal zijn, voordat je ze gaat proberen te voeren.
Voer ook altijd ‘s avonds of ‘s nachts vanwege het feit dat deze dieren schemer en nachtactief zijn en dus ook rond deze tijd jagen. Voer de eerste keer ook altijd een extra kleine prooi om de kans op braken te verkleinen. Biedt een dode prooi aan met een voederpincet ongeveer 10 tot 15 cm. onder de kop van de slang. Mocht de slang niet in zijn jaaghouding hangen, dan kan je hem storen door er met je vinger tegenaan te duwen. Wordt de slang wakker, dan zal zijn eerste reactie vaak een agressieve zijn.

Mocht de slang niet op deze manieren tot eten komen, dan kan je deze procedure herhalen, maar nu met een levende prooi. Lukt dit niet, dan kan je eens proberen een prooidier te laten overnachten in het terrarium.
Heeft dit ook geen succes, probeer het dan met een ander prooidier of wrijf met een prooidier langs een ander prooidier om het de geur te geven van het andere prooidier. Hondskopboa’s eten in het wild knaagdieren en andere in de bomen levende zoogdieren, vogels, vleermuizen en hagedissen.
Mogelijkheden zat dus.
Wil de slang nu nog niet eten, dan zou ik nog wat geduld hebben voordat ik me echt zorgen zou gaan maken. Een volwassen hondskopboa kan maanden zonder voedsel zonder dat het schadelijk is, mits het dier geen gezondheidsproblemen heeft en in de juiste omstandigheden wordt gehouden.
Het allerlaatste redmiddel om de slang toch wat binnen te laten krijgen, is dwangvoeren.

In gevangenschap gekweekte dieren goede eters wanneer ze eenmaal aan de gang gaan. Ze zullen over het algemeen weinig voedselbeurten overslaan. Vaak wordt er gezegd dat exemplaren van de Surinaamse vorm moeilijker eters zijn en dat deze dieren hun prooi vaker uitkotsen dan de Braziliaanse vorm.
Dit is volgens mij is te verklaren doordat het aanbod Braziliaanse dieren alleen maar nakweek is en er van de Surinaamse veel meer wildvang ons land binnen komt, wat meer problemen met zich mee kan brengen.

Hoeveelheid en frequentie
Hondskopboa’s zijn inactieve slangen. Ze gaan pas echt op jacht als ze heel erge honger hebben. Tot die tijd blijven ze aan hun takken hangen met hun kop en een gedeelte van het lichaam naar beneden gericht om voorbij komende prooidieren te verassen.
Een hondskopboa verbruikt op die manier heel weinig energie. De kans is daarom groot om deze dieren te overvoeren in gevangenschap. Het is daarom belangrijk dat je deze slangen matig voert door het jaar heen. Maximaal een keer in de twee weken een prooidier volstaat aan de voedselbehoefte van een volwassen vrouw.

Voor volwassen mannen is eens in de drie weken voldoende. Kan je de verleiding niet weerstaan en voer je de dieren vaker, dan zal je daar vroeg of laat de tol voor moeten betalen. Voor jonge dieren gelden iets andere regels. Daar deze dieren in de groei zijn en veel van de energie die ze binnen krijgen ook daar aan besteden, kunnen deze iets vaker gevoerd worden.
Een schema van één prooidier in de tien dagen is een goede frequentie tot de dieren ongeveer twee jaar oud zijn. Op dat moment is de groeispurt voorbij en zal de overtollige energie als vet in het lichaam worden opgeslagen.
Het is wel aan te raden om te wachten met voeren totdat de slang zijn vorige maaltijd volledig heeft verteerd.

De beste indicatie hiervoor is het vinden van ontlasting. Heeft het dier na de derde keer voeren nog geen ontlasting gegeven, dan is het aan te raden om hem in warm water te leggen om de ontlasting op te wekken voordat er een volgende voerpoging wordt ondernomen.
Het is een misverstand dat hondskopboa’s in het wild vogeleters pur sang zijn. Onderzoek heeft uitgewezen dat vogels maar een klein gedeelte van het totale dieet van de hondskopboa innemen.
Hetzelfde geldt ook voor de groene boompython waarvan ook gedacht werd dat het een vogeleter zou zijn. Het grootste gedeelte van het dieet bestaat in werkelijkheid uit knaagdieren en andere kleine zoogdieren die in de bomen voorkomen.
De extra langen tanden die deze dieren hebben meegekregen zijn puur voor de goede grip van elke prooi die ze te pakken krijgen. Het dieet wordt kompleet gemaakt door de daar aanwezige hagedissen.
Het dieet van jonge hondskopboa’s bestaat voor een groter gedeelte uit hagedissen en voor een kleiner gedeelte uit knaagdieren. Vanuit hier is het dan ook gemakkelijk te verklaren waarom jonge dieren vaak het beste met hagedissen zijn op te starten.

Ook voor de groene boompython geldt dit verhaal. Hierbij moet wel gelet worden dat de voedseldieren in een goede gezondheid verkeren, omdat dit anders nare gevolgen voor de jonge hondskopboa’s zelf kan hebben.

Conclusies
Hondskopboa’s hoeven geen moeilijke dieren te zijn zoals zo vaak wordt vermeldt. Als je je aan een een paar simpele regels houdt dan zou je een hoop problemen kunnen voorkomen.
Kan je jezelf aan deze regels houden, dan kan ik iedereen aanraden om hondskopboa’s te gaan houden. Het zijn met hun kleur, bouw en typische houding echt pronkstukken in iedere slangencollectie.

Houdt de dieren niet te warm.
Zorg voor een hoge luchtvochtigheid
Voer niet te vaak (zorg ervoor dat ze hun prooi verteert hebben)
Voer de dieren niet te grote prooien (nooit dikker dan het dikste punt van de slang zelf)
Hoe groter het onderkomen hoe beter
Zet deze dieren nooit in ruimtes waar veel mensen komen i.v.m. stress.

Ik zou als slot nog even de volgende twee mensen willen bedanken voor hun informatie: Wim Kuen en Jeroen van Amerongen

Literatuur
David Vogel, Captive Husbandry and propagation of the Boa Constrictor and Related Boa’s

Richard A. Ross and Gerald Marzec, Reproductive husbandary of pythons and boa’s,

Michael Burgers, ‘The natural history, captive husbandry and reproduction of the Emerald Tree Boa (Corallus Caninus).’ Reptiles, Mei 1997

Stan Chiras, ‘Identification and husbandry of Amazon Emerald Tree Boa’s’; Reptiles, maart 1998

Gereint Mortimer, ‘Captive care and Propagation of the Emerald Tree Boa.’ The Reptilian, Volume 5 Number 4

Vin Buccigrossi, ‘Just the basics: Emerald Tree Boa’s.’ Reptile Hobbyist Volume 2 Number 11

Okan Guney, Captive Care and Breeding of the Emerald Tree Boa, Corallus Caninus.